Normaal gesproken passen dieren zich langzaam aan aan veranderende omstandigheden. Dieren die leven in een urbane omgeving passen zich echter veel sneller aan, vertelde evolutiobioloog Menno Schilthuizen tijdens het Congres Natuurlijk 2020.
Dieren in de stad goed in het oplossen van problemen

Foto: Shutterstock
Schilthuizen toonde in zijn online presentatie met een aantal bijzondere voorbeelden aan hoe dieren in de stad zich gedwongen hebben moeten aanpassen aan de omstandigheden. Schilthuizen verzorgde zijn sessie vanuit het laboratorium in Naturalis, vanuit waar hij normaal gesproken expeditietochten door de stad organiseert.
Nieuwe voedselverpakking
“Zijn dieren in de stad slimmer dan andere dieren? Dat hangt er vanaf wat je slim noemt. Ze zijn wel goed in het oplossen van problemen. Je kunt het vergelijken met het leren openen van een nieuwe voedselverpakking.” In een urbane omgeving komen dieren op een andere manier aan voedsel dan in een meer natuurlijke habitat. Om te overleven zullen ze dus moeten leren met verschillende ‘voedselverpakkingen’ om te gaan.
“Urbanisatie neemt overal toe en dat is een ecologisch verschijnsel dat we nog niet eerder hebben waargenomen. Het vormt een extreem milieu, een nieuwe habitat waarin dieren een plek veroveren op een manier die door de mens wordt veroorzaakt. Denk aan de fysische eigenschappen van de stad, bijvoorbeeld het hitte-eilandeffect. Dieren en planten passen zich daaraan aan, echt evolutie dus.”
Lichte slakkenhuizen
Schilthuizen nam de doodgewone tuinslak als voorbeeld. “Een heel gewone diersoort, de kleur van het slakkenhuisje varieert enorm. Soms zijn ze donkerbruin, soms roze met zwarte banen. In steden worden, door natuurlijke selectie, de huisjes steeds lichter. Door de urbane warmte raken slakken sneller oververhit, een lichter huisje reflecteert de zon waardoor ze het minder warm krijgen.”
Een ander voorbeeld is de paardenbloem. Die produceert zware en lichte zaadjes, die op een nieuwe plek nieuwe paardenbloemen vormen. In de stad laat de paardenbloem meer zware zaadjes vallen, omdat ze dan in de buurt neervallen op de plek waar de bloem meer kans heeft om te overleven. De lichte zaadjes hebben meer kans om bijvoorbeeld op het asfalt terecht te komen.
Junkfood
De stad heeft als kenmerk dat de vegetatie is versnipperd, overal zie je kleine stukjes groen. “Dieren leven als het ware op een soort Galapagoseiland en vinden elk hun eigen oplossing”, weet Schilthuizen. “Zo hebben we gezien dat de witvoetmuis min of meer opgesloten in een park leeft. Elke populatie heeft in de loop der jaren zijn eigen dna ontwikkeld. Witvoetmuizen in Central Park in New York hebben genen die goed kunnen omgaan met een vetrijk dieet, vanwege alle junkfood die daar in het park ligt.”
Andere dieren die zich hebben aangepast aan een urbane omgeving zijn de kruisspin, de vlinder en kevers. Volgens Schilthuizen biedt het aanpassingsvermogen van dieren kansen. “We kunnen helpen het darwinistische proces op gang te houden, er sturing aan geven. Dat betekent in mijn ogen dat het soms juist goed is om geïsoleerde plekjes groen aan te leggen in de stad, in plaats van altijd groene corridors te maken in de stad. Bij het plannen van verbindingen moet je eerst bedenken voor welke dieren je dat doet.”
Met een zogenaamd darwinistisch groentontwerp zorg je voor een goed functionerend ecosysteem. In de stad betekent dat volgens Schilthuizen dat je niet altijd alleen de inheemse soorten moet bevorderen, maar dat een mengvorm soms beter is, omdat er in de stad al zo veel uitheemse soorten zijn. Dat geldt voor dieren én planten. “We zien veel groene gevels en daken in de stad verschijnen. Mijn tip zou zijn om de soorten die je op zo’n dak of gevel aanlegt niet uit de catalogus kiest. Bied een substraat aan waar een ecosysteem zich kan vestigen in plaats van de keuze voor zo’n ecosysteem al te maken.”
Bij het thema van dit artikel betrokken organisaties
Meer artikelen met dit thema
“Koester het goede en sta open voor het nieuwe”
In het voorjaar van 2024 stemden de Provinciale Staten van Overijssel bijna unaniem in met een nieuwe periode…
Leertraject Natuurinclusief ontwikkelen
KAN Bouwen start in april 2025 weer met het leertraject De basis voor natuurinclusief ontwikkelen. Een…
Nauwere samenwerking tussen Nationale Parken en gezondheidssector
Collectief Natuurinclusief en het Nationale Parken Bureau hebben samen de Handreiking Nationale Parken als…
Opleidingen in groene sector bewegen mee met veranderende wereld
De groene ruimte stond vroeger vooral in dienst van de mens. Het moest mooi, netjes en veilig zijn. Inmiddels…
Wat zijn de maatschappelijke baten van natuur?
Leuk en aardig allemaal die natuur, maar wat levert het ons nu eigenlijk op? Het Investeringsperspectief…
De impact van DuurzaamDoor
Het aflopen van de huidige programmaperiode 2021-2024 van rijksprogramma DuurzaamDoor, is het uitgelezen moment…
Boek: Natuurinclusieve gebiedsontwikkeling
Gideon Spanjar, Frank Suurenbroek, Patrick Limpens en Sába Schramkó zijn auteurs van het boek Natuurinclusieve…
‘Misvatting dat economie en ecologie tegenpolen zijn’
Jannemarie de Jonge hoeft zich deze maanden niet te vervelen. Sinds het voorjaar van 2024 is ze de nieuwe…
Reactie toevoegen